l2f : Dankzij het programma “Shift your mobility” van de FOD Mobiliteit en Vervoer betalen deelnemers slechts 25% van de werkelijke kosten van de coaching. Maar hoeveel bedrijven kunnen in totaal van deze subsidies genieten en is er een tijdslimiet?
G.S.: “Er is inderdaad een budget dat gerespecteerd moet worden, over 1 jaar. We mikken op 250 tot 300 deelnemers. Vanaf juni 2025 blijft de coaching bestaan, maar komen de deelnemers niet meer in aanmerking voor subsidies.”
l2f: Hoeveel mensen werken er in de afdeling Espaces-Mobilités bij Maestromobile?
G.S.: “Er werken 10 mensen bij Espaces-Mobilités en 3 of 4 mensen besteden hun tijd aan Maestromobile.”
l2f: Welke trends ziet u momenteel op het gebied van mobiliteit binnen bedrijven?
G.S.: “De grote uitdaging blijft de modal shift, het veranderen van de manier waarop mensen zich verplaatsen. Steeds meer bedrijven maken gebruik van fietsleasing en kilometervergoedingen voor verplaatsingen met de fiets. Tegelijkertijd is er natuurlijk de elektrificatie van het wagenpark en alle aanpassingen die dat met zich meebrengt.
l2f: Er wordt veel gepraat over de overgang naar de fiets, maar we zien het vooral in Vlaanderen en Brussel. In Wallonië, zo blijkt uit de laatste cijfers, lijkt het ingewikkelder…
G.S.: “Ja, er is een gebrek aan fietsinfrastructuur in Wallonië. Vlaanderen ligt 20 jaar voor in dit opzicht en Brussel is bezig met een inhaalbeweging. Maar in sommige Waalse provincies, met name Waals-Brabant, begint er beweging in te komen.”
l2f: Wat is uw boodschap aan politici nu we midden in een verkiezingscampagne zitten?
G.S.: “We zitten midden in een transitie wat mobiliteit betreft, wat soms wat spanning veroorzaakt. Er is veel plaats ingeruimd voor de wagen, soms ten nadele van andere vervoermiddelen. De auto is heel nuttig en zal altijd relevant blijven in landelijke gebieden en in veel andere situaties. Maar we moeten het gebruik ervan echt optimaliseren en denken in termen van multimodaal vervoer. Ik denk ook dat we vervoer op aanvraag moeten ontwikkelen, evenals de kwaliteit en kwantiteit van diensten, waaronder openbaar vervoer. We hebben het geluk dat we een vrij dicht spoornetwerk hebben. We moeten er goed gebruik van maken en hopen op meer investeringen in nieuw materieel om vertragingen te voorkomen, ook al werken veel lijnen al perfect.”